Een aantal bekende Nederlanders mag ik van huis uit niet. Van sommige steden krijg ik de naam niet over m’n lippen. Thuis geleerd. Er zijn gewoon een aantal zaken die ik voor waar aan heb genomen, zonder eigenlijk goed te weten waarom.  Iedereen heeft dat, denk ik.  En dat maakt niet uit. Soms.

Tijdens je opvoeding krijg je een bepaald pakket aan wijsheden en handvatten mee. Je leert wat goed is. En fout. Je leert wat je moet doen. En wat je beter kunt laten. Het is je basis. Sommige dingen die je ouders je verteld hebben neem je, bewust of onbewust, de rest van je leven mee. Houd de schaar ondersteboven, als je er een eindje mee gaat wandelen. Ga tijdens het oorlogje spelen niet rennen, als je zelfgemaakte blaaspijp nog in je mond zit. Poets je tanden voordat je gaat slapen. Aai geen vreemde honden. Kijk uit met oversteken. Klikken is voor kneusjes. Liegen is verboden. Links is, waar je duim rechts zit. Roddelen is voor zwakkelingen. Wie goed doet, goed ontmoet. Slaan is nooit de oplossing. De snoepjes bij Jamin kun je beter laten liggen, als je geen centjes bij je hebt. Je kunt gelukkig zijn in dit aardse bestaan, zonder ooit naar Amsterdam te gaan. Wij komen uit Rotterdam-West, jij bent voor Sparta. Dat soort dingen.

Vaak ga je alsnog op onderzoek uit. Je bent eigenwijs. Je ontdekt. Omdat er gewoon een kans bestaat dat je ouders overdrijven. Of zeuren. Of zelfs keihard liegen. Met Sinterklaas hebben ze je immers ook dik vijf jaar belazerd. Maar goed.

Wanneer de blaaspijp operatief achter je huig vandaan gehaald is en je drie weken alleen maar vloeibaar kunt eten en amper kunt lullen, weet je dat je beter naar je moeder had kunnen luisteren. En bij de eerste pestpetsen die je vader je geeft, nadat de buurtagent je net heeft thuis gebracht omdat je broekzakken uitpuilden van de Haribo–banaantjes, –kersen  en –perzikjes , terwijl de Jamin-caissière je nog nooit gezien heeft, weet je: snoepjes kun je beter laten liggen, als je geen centjes bij je hebt. Zo leer je luisteren. Vertrouwen.

Het waarheidsgehalte van andere wijsheden verifieer je niet door het tegenovergestelde ervan te ervaren. Dat blijven gewoon feiten. Ik heb altijd uitgekeken met oversteken en ben tot nu toe nog nooit aangereden op een zebrapad. Mijn duim zit aan mijn linkerhand ook daadwerkelijk rechts. Van liegen ben ik nog nooit beter geworden. Slaan heeft ook nooit geholpen. Mijn geluksgevoel heeft niets te maken met mijn drie bezoekjes aan de hoofdstad. Ook van deze dingen leer je luisteren.

Weer andere wijsheden blijken van geen kant te kloppen. Die moet je loslaten. Heroverwegen. Je kunt cariës hebben en kapot gaan bij de tandarts als hij er zijn kennis en kunde op los laat, terwijl je elke avond je tanden heb gepoetst. Dan heb je gewoon teveel (gejat) snoep gegeten. Of zoiets.

Wie goed doet, goed ontmoet. Ook zoiets. Als ik het afgelopen jaar iets geleerd heb, is het dat dit spreekwoord van geen kant klopt. Het hing bij mijn opa en oma als tegelwijsheid op de gang. Mijn moeder zei me altijd dat je ‘de ander’ helpen moet. Belangeloos, zonder materiële vergoeding. Wees aardig tegen mensen, dan zijn mensen dat tegen jou.

Dag, mam. Sorry.

Ik heb met mezelf afgesproken dat 2011 voornamelijk draait om mezelf. Ik ben er namelijk pas achter gekomen dat ‘Nee’ ook een antwoord is. Ik ben het afgelopen jaar teveel tijd en energie kwijt geraakt aan andermans problemen, zonder daar voldoening uit te halen. Ik heb het niet over familie en vrienden, daar zal ik altijd voor klaar blijven staan. Maar ik heb het wel over zo’n beetje de rest van de wereld. Van mezelf ben ik een harde werker, een helper. En natuurlijk blijf ik vrijwilligerswerk verrichten. Ik zal me hard blijven maken voor ‘de goede zaak’.

Maar me belangeloos inzetten voor mensen die achteraf persoonlijk met de eer  gaan strijken en doen alsof ze me niet kennen? Stank voor dank krijgen terwijl ik me –letterlijk– kapot gewerkt heb? Dagen vrij maken voor mensen die, als het er op aankomt, niet eens een minuutje voor mij over hebben? Mensen helpen en er achteraf een mes voor in m’n rug krijgen? Nee, bedankt. Het leven gaat over vallen en opstaan. En hoe harder je valt, hoe sterker je opstaat. Je wordt handiger, slimmer. Voortschrijdend inzicht, zo noemen ze dat.

Ik kom er steeds beter achter dat de wereld ook wel draait, als ik me er niet zo erg mee bezig houd. Ik haal me niet meer allerlei problemen op m’n nek. Ik laat problemen van de ander, niet meer veranderen in de mijne. Ik ga achter m’n eigen zaken aan. En als ik de moderne mens een tip mag geven: doe hetzelfde. Weet wie je helpt. De mensen die het hardst hulp nodig hebben, durven er namelijk niet eens om te vragen. Houd je cirkel klein en investeer daar in. En houd de schaar ondersteboven, als je er een eindje mee gaat wandelen.