Al vrij snel nadat ik leerde praten, heb ik praten afgeleerd. Tenminste, vertellen. Ik kan niet vertellen, al wil ik het soms echt graag. Maar ondertussen heb ik mensen dood zien gaan en gezien hoe zij nog dingen wilden vertellen. Ze werden echter ingehaald door het lot, voordat ze de kans kregen om hun zegje te doen. En voordat het voor mij te laat is, ooit of eerder, wil ik jou wat dingen duidelijk maken. Mattie. Van man tot man, van schrijver tot lezer. Uit de grond van m’n hart.

Of we nou zijn begonnen als collega’s, samen hebben gewoond in de mooiste wijk ter wereld, meer dood dan levend van en naar Breda reden, ik je ken via Twitter en we tegenwoordig bijna dagelijks op precies hetzelfde niveau zitten of dat we tegelijkertijd het creatieve pad vol moeilijkheden hebben gekozen.

Of je mij nou je huis toevertrouwt in jouw afwezigheid, ik je veel te weinig zie omdat jij in Barcelona bent gaan wonen of dat je mij met alles in woord en daad steunt. Of je mij nou in beschonken toestand toevertrouwde dat je mij ziet als je kleine broertje, terwijl ik weet hoe jij je echte kleine broertje mist: je bent verre van een beste vriend. Echt.

We hebben woorden gehad, jij en ik. Soms. Kan gebeuren. We hebben het uitgesproken en zijn verder gegaan. Ik mag je echt niet, af en toe. Jij mij ook niet. En terecht. Maar uiteindelijk weet je net zo goed als ik, dat negativiteit iets tijdelijks is. En dat wij, ondanks alles wat we samen en afzonderlijk hebben meegemaakt, drijven op het positieve. Dwars door onze meer dan milde vorm van temperament.

Ik kan je weken niet spreken of zelfs maanden niet. We kunnen honderd afspraken plannen en die tweehonderd keer verzetten, maar het is cool. Uiteindelijk altijd. Als we elkaar zien of spreken, hebben we lol. We lachen om niks en praten over alles. Wij begrijpen elkaar.

Jij accepteert mij zoals ik ben. Jij kent mijn goede eigenschappen en kwaliteiten. Je moedigt ze aan en versterkt ze, vaak per ongeluk. Je bent geen ja-knikker, je geeft kritiek. Maar niet vanuit jaloezie. Gewoon, om me scherp te houden. Middenin het circus aan keuzes, kneuzen en praatjesmakers. Haters, vrouwelijk schoon en toekomstdromen. Aasgieren, hyena’s en misgunners. Jij gaat mee naar waar ik heen wil en herinnert me aan waar ik vandaan kom.

Jij support en motiveert me. Je laat me struikelen, zodat ik leer. Maar mocht ik vallen, help je me opstaan. Je bracht me van onzekerheid naar extreme bescheidenheid en van daaruit door naar zelfvertrouwen. En zodra ik neig naar arrogantie, kom jij met een donderpreek. Zoals het hoort.

We hebben andere levens geleefd en ook nu zijn de verschillen daar. Maar ergens hebben we raakvlakken, al dan niet onuitgesproken. Ik respecteer jou en je keuzes, ik help je waar ik kan. Ik hoef je niets te zeggen. Maar ik schrijf het je toch.

Niet ik, maar wij. Wij presteren. Wij groeien. Wij schrijven. Wij hebben succes en fans. Omdat ik zonder jou nooit was gekomen waar ik nu ben. Omdat ik zonder jou nooit zal komen waar ik zijn wil. Sommige kansen moet je krijgen, wil je ze kunnen grijpen. Sommige dingen kun je niet alleen. Ik weet dat. En ik vergeet niks. Behalve de onenigheden. Die komen en gaan haastig, zoals haast alles en iedereen.

Als ik een kans voor jou zie en jij niet, grijp ik ‘m. En gun ‘m je, zo gaat dat. Jij was er voor me toen ik vast zat dus zul je daar zijn als we los gaan, zodra er iets te vieren is. We delen de buit zoals ooit de laatste broodkruimel in huis. Waar jij wordt aangevallen, zal ik je verdedigen. Ik ben loyaal. En daar als je mij nodig hebt. Over de geheimen die je mij toevertrouwde, zwijg ik als het graf. Tot ik er zelf in lig.

Ik hoop dat ik nog vele malen tegen die enge kop van je aan mag kijken. Dat ik nog veel discussies van je mag winnen. Dat ik je nog vaak mag uitlachen en dat onze ego’s nog vaak botsen. Dat je me nog vaak zult bijstaan met raad en daad. En prietpraat. Tot we oud en bejaard zijn, jij eerder dan ik.

Want jij bent verre van een beste vriend. Echt. Wat jij voor mij bent is veel groter dan dat. Jij bent de grote broer die ik nooit heb gehad.

Omdat het zomaar een keer te laat kan zijn. Omdat mensen sommige dingen gewoon te weinig laten merken. Omdat oprechtheid iets anders is dan slijmen. Omdat het makkelijker is om over je tegenslagen te spreken, dan over de mensen waar je mee gezegend bent. Omdat ik niet stoer genoeg ben om te zwijgen. Omdat liefde ertoe doet. Opgedragen aan de jongens die hierover vooraf zijn bericht.

0