Je kunt er dan misschien geen kapsalon eten, er is een land op de wereld dat geweldig is om heen te gaan op vakantie. Via het luchtruim, over de snelweg, het is helemaal niet zo’n wereldreis. Je moet het gewoon goed aanpakken.

Mijn hart vervult zich dan ook iedere keer weer met opwinding, die zich in evenredigheid met mijn waardering voor dit land meester maakt van mijn hart, wanneer ik denk aan mijn voorbije zomers daar. Barmhartigheid, zonnepitten en de woestijn. Daarheen gaan en er een tijdje blijven, het is voor mij een utopie. Een illusie. En dat allemaal door mijn lhoub voor Ilham, de oudste dochter van de Amajjars uit Alhoceima-city. Ik maakte die liefde namelijk op een nogal rare manier kenbaar, vorig jaar.

Ik zag haar voor het eerst bij de bakker en ik twijfelde geen moment. Ik sprak mijn waardering uit voor de intensiteit waarmee ze brood bestelde, waarna ik meteen over het mogelijke bestaan van Marsmannetjes begon. Ze keek me nogal vreemd aan, alsof ik een korkie was.

Ik besloot te praten over mijn tajine, die ik de avond ervoor per ongeluk schoon had gemaakt met heteluchtovenreiniger. Daarna begon ik over mijn iPhone en het feit dat ik daar een app op had om de roodverschuiving mee te meten. De knappe dame kon geen begrip opbrengen voor mijn onsamenhangende verhaal en zij deed zichtbaar de aanname dat ik niet in orde was, maar ik liet me niet uit het veld slaan.

Ik zei haar dat ik uitblonk in de orthografie en dat dit talent mijn motivatie in het leven is. Dat ik zelfs een succesvol carrière als klokkengieter voor op had gegeven, vanuit het gevoel dat een rol als succesvol schrijver voor mij voorbestemd is. Dat de hoop om ooit door te breken, meer dan aanwezig is en dat ik daar zeker geen geheim van maak. Ik zei dat ik honger had, of eigenlijk trek. In kip. En of we dat samen konden gaan eten. Ze keek me aan en dat moment voelde alsof we congruent waren. In die zekere mate van verbondenheid, wilde ik er een mantra voor haar uitgooien. Ik zei haar:

“Baklava, laat gaan. Ik kom uit Rotterdam en ik en geen bijstandsfraudeur. Misschien gek als een deur, maar in ieder geval een voorstander van emancipatie, omdat ik in karma geloof. Besef je export-kansen!”

Een jongen die ik ken vanuit Nederland, hij komt uit Amsterdam, had mijn hele monoloog gevolgd. Hij wees me erop dat het meisje behoorde tot de lokale bevolking en daarom dus helemaal geen Nederlands sprak. Ik voelde me plots een wandelend Majorana-deeltje, een vleesgeworden contradictio in terminis.

Dan kan ik mij in het verleden verdiept hebben in het belastingrecht, ik voelde me verre van intelligent. Het meisje moest ondertussen gedacht hebben dat ik een of andere extremist was, want ik zag haar in hoog tempo naar haar achtendertig mannelijke familieleden lopen. Die zaten aan het eind van de straat te discussiëren over de houdbaarheid van het poldermodel, van wat ik ervan kon verstaan.

Ik voelde de bui al hangen, dit werd hommeles. Ik zag dat het meisje zich aan haar familie presenteerde als het slachtoffer van indoctrinatie en ik wist dat zelfs het sterkste staaltje appeasementpolitiek mij niet zou redden uit deze nare realiteit.

Ik gooide het op een misinterpretatie van broeder/zusterliefde maar met het potje schuldenvoetbal dat ik tussen mijn bakkersbezoek en het gesprek met mijn hoofdstedelijke kennis via mijn vaste telefoniste had laten organiseren, om inkomsten te genereren waar ik de bruiloft mee zou kunnen financieren, had me allang al verraden.

Ik probeerde de boel te bagatelliseren, de boze menigte uit te leggen dat diversiteit juist hartstikke leuk en uitermate existentieel is, maar ik kon niet rekenen op enig mededogen. Mijn vrijheid werd me afgenomen en diezelfde nacht werd ik de natuur in gestuurd, met slechts een abonnement voor de RET en een mandje vol asbestverwijderaar. Dus, dat ik in de nabije toekomst naar Marokko op vakantie zal gaan, lijkt me gezien de soevereiniteit van de familie die ik tegen mij in het harnas had gejaagd, zeer onwaarschijnlijk.

Soms vraag ik mijn fans om Facebook om een aantal woorden, waar ik dan een tekst van maak. Het laatste resultaat staat is dus bovenstaand fantasieverhaal! Met dank aan: Fadoua, Marijn, Zita, Yasmien, Jermain, Redouan, Fahima, Arjan, Paula, Majda, Nicolle, Eva, Patricia, Laurens, Eda, Louise, Hanane, Jaouad, Khaoula, Mona, Fatima, Karima, Heidi, Dounia, Gwendolyn, Samia, Jan Wouter, Jamila, Olga, Arthur, Zühal, Patricia, Sana, Nirmine, Ebru, Jules, Zeliha, Hazel, Suze, Michelle, Rajae, Aslihan, Mejrem, Jeroen, Sarah, Umit, Mokaltum, Mohamed, Lida, Chantal, Daphne, Fatima, Nadia, Farah, Derya, Wobbe, Michelle, Karima, Chaima, Martijn,
Eline, Melisa, Nick, Rana, Inge, Ilham, Amine en Yassmina.